Een vitaliteitsweek, workshops, webinars… er wordt in september nogal wat georganiseerd. Collega’s zijn terug van vakantie, teams starten weer op en er worden volop activiteiten georganiseerd om gezond werken een impuls te geven.
Een goed moment om nieuwe kennis op te doen. Maar als je daar tijd en geld in investeert, wil je natuurlijk dat medewerkers er een paar weken later nog iets aan hebben. Onderzoek naar leren laat zien dat je daar als organisatie zelf invloed op hebt.
Stel: een medewerker leert tijdens een voorlichting hoe een bureaustoel goed wordt ingesteld. De echte winst ontstaat wanneer die medewerker daarna op zijn eigen werkplek de stoel ook daadwerkelijk anders instelt. Die koppeling met de praktijk is belangrijk. TNO beschrijft dat een cursus die losstaat van de werkplek niet altijd voldoende rendement oplevert. Zorg daarom dat medewerkers nieuwe kennis snel kunnen toepassen.
Volgt een team een voorlichting of training over beeldschermwerk? Laat iedereen daarna de eigen werkplek controleren. Gaat het over fysieke belasting? Oefen de nieuwe manier van tillen of bewegen tijdens het werk. Ook bij een e-learning kun je medewerkers vooraf vragen om na afloop één concreet punt toe te passen.
Onze VR-workshop is een mooi voorbeeld van direct de kennis die je leert uitvoeren: medewerkers krijgen niet alleen informatie, maar ervaren en zien direct in VR wat bijvoorbeeld hun ademhaling met hun eigen stresssysteem kan doen. Vraag jezelf bij het organiseren van een leermoment daarom af: wat kan een medewerker hier direct mee doen?
Eén keer iets horen is meestal niet genoeg om het lang te onthouden. Uit onderzoek naar leren weten we dat het effectiever is om oefenmomenten over een langere periode te verdelen. Dit wordt gespreid oefenen genoemd.
Dat betekent gelukkig niet dat je dezelfde workshop drie keer moet organiseren. Kom een week later tijdens het werkoverleg terug op één onderdeel. Deel na twee weken een praktische tip of organiseer later een kort webinar waarin het onderwerp verder wordt uitgediept. Zo krijgt het brein meerdere momenten om met de informatie aan de slag te gaan.
Ook de manier waarop je herhaalt maakt verschil. De presentatie van een workshop nog een keer rondsturen is makkelijk, maar medewerkers zelf laten nadenken over wat ze hebben geleerd werkt beter. Dit wordt retrieval practice genoemd: actief proberen kennis uit het geheugen terug te halen. De Open Universiteit beschrijft dit als een effectieve manier om kennis langer te onthouden.
Maak er iets praktisch van. Stel tijdens een werkoverleg twee of drie vragen over de training. Organiseer een korte quiz. Of vraag medewerkers welke tip ze inmiddels hebben toegepast. Doe dat niet alleen direct na de training, maar juist ook een week of maand later.
Een cursus of workshop duurt misschien een uur. Leren op het werk gebeurt iedere dag. Uit de Monitor Leercultuur 2025 van SER en TNO blijkt dat bijna negen op de tien werknemers leren van mensen op het werk, zoals collega’s en leidinggevenden, en/of van de taken die zij uitvoeren.
Gebruik die dagelijkse werkomgeving dus ook. Laat collega’s ervaringen uitwisselen en geef leidinggevenden een eenvoudige rol. Een vraag als ‘Wat heb je uit de training inmiddels geprobeerd?’ kan al genoeg zijn om het onderwerp weer naar boven te halen.
Daarmee voorkom je dat iedereen na een inspirerende vitaliteitsweek weer overgaat tot de orde van de dag.
Een vitaliteitsweek met workshops en webinars is een mooi moment om gezond werken opnieuw onder de aandacht te brengen. Wil je dat de kennis daarna blijft hangen? Denk dan dus vooraf na over wat er ná het leermoment gebeurt.
Laat medewerkers oefenen, geef ze de kans om het geleerde snel toe te passen en laat het onderwerp later nog eens terugkomen op de werkvloer!