Wettelijke verplichting PMO en wetswijziging Wbo

Is het aanbieden van een Preventief Medisch Onderzoek (PMO) aan je werknemers verplicht? Wat is de frequentie van het aanbieden van een dergelijk onderzoek en zit er een verschil tussen de PAGO en het PMO? Door een wijzigingsvoorstel van de Wet op het bevolkingsonderzoek (Wbo) die door het Parlement wordt behandeld zetten we alles op een rij.  

In de Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet), artikel 18, staat beschreven dat werkgevers werknemers ‘periodiek in de gelegenheid moeten stellen een onderzoek te ondergaan, dat erop gericht is de risico’s die de arbeid voor de gezondheid van de werknemers met zich meebrengt zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken’. Met het aanbieden van een PMO voldoe je aan deze wettelijke verplichting.

Deelname aan een PMO blijft echter altijd vrijwillig. Er kunnen wel verplichtingen bestaan op grond van een wet of een CAO voor een bepaalde branche of sector. In dit geval is er sprake van een verplichte periodieke keuring.

Hoe vaak bied je een PMO aan?

In de wet staat niet hoe vaak je een PMO moet aanbieden (met uitzondering van een aantal categorieën werkzaamheden), maar wordt er geadviseerd dit eens in de drie jaar te doen, zodat werknemers redelijk actueel inzicht hebben in de ontwikkeling van hun gezondheid en eventuele gezondheids- en verzuimrisico’s. Daarnaast is het voor het bedrijf ook goed om periodiek te zien hoe het met de gezondheid van hun werknemers gesteld is.

Verschil tussen PMO en PAGO

Het PMO kan verward worden met een Periodiek Arbeidsgezondheidskundig Onderzoek (PAGO). Dit zijn echter twee verschillende onderzoeken. Het PAGO is een onderzoek van een bedrijfsarts dat erop gericht is om gezondheidsrisico’s van het werk zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken. Bij een PMO wordt er ook gekeken naar de algehele lichamelijke en geestelijke gezondheid en leefgewoonten van de werknemer. Bij het PAGO is hiervoor geen aandacht. Dit draait puur om het medische onderzoek, terwijl bij het PMO ook interventies van de bedrijfsarts of de werkgever mogelijk zijn.

Ook binnen het PMO is het gebruikelijk dat een bedrijfsarts wordt betrokken. Bij het ene bedrijf is de rol van de bedrijfsarts groter dan bij het andere bedrijf. Indien er een bedrijfsarts aanwezig is, betrekken wij deze altijd bij het PMO. Om samen te kijken naar de koppeling van de functieprofielen aan de risico’s die in de RI&E worden benoemd. Ook wordt de bedrijfsarts altijd meegenomen op de interventiekaart, zodat onze adviseurs een werknemer indien nodig direct kunnen doorverwijzen.

Wetswijziging

Afgelopen maart is er een wijzigingsvoorstel voor de Wet op het bevolkingsonderzoek (Wbo) in de Tweede Kamer behandeld. Het aanbieden van een PMO valt onder deze wet. Bij het voorstel dat er ligt, wordt het aanbieden van gezondheidsonderzoeken in drie categorieën verdeeld.

  1. Bevolkingsonderzoeken zonder medisch risico. Door iedereen vrij aan te bieden en uit te voeren, mits degene beschikt over de bekwaamheid om het uit te voeren.
  2. Bevolkingsonderzoek waarvan de uitvoering een medisch risico met zich meebrengt. De uitvoer kan enkel gedaan worden een gekwalificeerde medewerker. Denk aan een BIG registratie.
  3. Bevolkingsonderzoeken zoals aangeboden door de overheid. In dit geval heeft de aanbieder een vergunningsverplichting.

Deze wijziging kan gevolgen hebben voor aanbieders van het PMO. Echter heeft dit geen gevolgen voor de manier waarop wij een PMO aanbieden. Ons PMO valt in categorie 1 omdat wij glucose en cholesterol meten middels een vingerprik. Veneuze bloedafname valt in categorie 2. Als een klant op deze manier bloedafname wil, schakelen we onze gekwalificeerde samenwerkingspartner MedLab Stein die deze bloedafname uitvoert en verwerkt. Maurice Pelser, directeur van MedLab Stein, is als medisch adviseur bij ons betrokken.

Wanneer deze wetswijziging ingevoerd wordt, is nog niet duidelijk. Voor ons heeft dit geen gevolgen. Wij kunnen ons PMO blijven aanbieden, gewoon op de manier zoals we nu ook doen!